woensdag 21 april 2010

Haantjes en kippen.

.

De kippen en hanen op het grasveld voor de kliniek maken veel kabaal.


Arme kippen, drie keer zoveel hanen die allemaal hun oog op telkens op de zelfde kip laten vallen. Als één haan haar lekker vindt gaan ze er allemaal voor, gangbangers! De dames moeten soms rennen voor hun leven.
De wilde hanen en kippen horen een beetje bij de kliniek. In het voorjaar hadden we ons rookhok buiten omgetoverd tot ren, de dames deden daar aan “de leg en het broeden”. Het is een soort herberg voor dakloos pluimvee geworden. 

Niet altijd tot genoegen van de omwonenden.
De heren kraaien bij nacht en ontij de patiënten wakker en meerdere van hen, bijna allemaal met korte lontjes vanwege de afkick, hebben al een poging gewaagd om zo’n wekker op twee poten de nek om te draaien, gelukkig zonder succes.


De leider van de hanen, die we James noemen omdat hij zo arrogant rondstapt, is ook wel de meest serieuze. Hij is de Big Boss. Prachtig in de veren met de kleuren van een herfstlandschap.
Zijn hen is Sjaan, beige en wit, rond en mollig, maar geen doetje. Ze heeft al aardig wat kuikenrovers de schrik op het lijf gejaagd en ze heeft besloten bij James te blijven. Maar de andere hanen hebben het vaak op haar gemunt, ze is een lekkere kip. Vaak zitten ze met zijn allen achter haar aan en James zet dan een hoge borst op en stapt om haar heen alsof hij wil zeggen: “Poe poe, jongens wegwezen, zij wil bij mij blijven, dat zie je toch en dat is ook niet voor niks!”
Maar de jongens zijn brutaal en James kan ze niet allemaal tegelijk bij Sjaan weghouden, met als resultaat dat Sjaan het vandaag op een lopen zet en onder mijn Twingo duikt.


Wij, mijn collega’s en ik, staan het een beetje lacherig en al rokende te bekijken: die komische hanenpogingen om onder mijn auto bij Sjaan te komen. Maar de auto is te laag voor die hoge hanenpootjes. 
Als een van de haantjes op mijn auto springt en daar woest flapperend met zijn vleugels de laatste restjes lak van mijn motorkap afkrabt met zijn sporen, grijp ik in. Ik sprint naar de auto, ik kan nog hard rennen voor het goede doel en de vandaal flappert weg. Sjaan zit nog onder de auto en ik maan de resterende hanenbinkies om op te hoepelen wat uiteindelijk resulteert in rondjes lopen om de auto heen, de zuster achter de hanen aan, Sjaan eronder en James die op een afstandje toekijkt met een ietwat verbaasde kop. Dan draait hij zich om. Te veel gedoe.

Mijn collega’s hebben de slappe lach gekregen van het gebeuren en ik moet, om nog enigszins mijn gezicht te redden uitleggen dat, als er te veel bedreigende mannen zijn, vrouwen hun krachten moeten bundelen, waarop de collega’s in de volgende lachbui schieten.


Ondertussen hebben de haantjes de enige overgebleven beschikbare kip Truus ontdekt, ze zit tussen de fietsen. Truus is een beetje afgeleefd en lijkt op een van de patiënten die nooit meer van haar verslavingsproblemen afkomt.
Mager, tanig is een betere woord, een beetje vaal van kleur, grijs en beige en een trieste blik in haar kippige oogjes. Met afschuw ziet ze de bende jonge hanen op zich afkomen. Ze twijfelt niet lang, fladdert omhoog en springt zo in de mand van mijn collega’s fiets. Ze nestelt zich en kijkt over de rand naar haar belagers. Mijn collega kijkt naar mij. Maar ik zeg dat haar fiets haar verantwoording is en dat ze op zijn minst een bijdrage kan leveren aan vrouwenopvang. Ze loopt naar de fiets toe en zegt tegen Truus dat ze tot het eind van haar dienst de mand kan gebruiken als shelter.

De jonge haantjes kunnen niet bij Truus komen en lopen het veld weer op. Een van hen, een brutale, pikt in het voorbijgaan naar mijn collega’s been, schudt zijn veren en wandelt weg.
“Zo werkt dat, het is de realiteit van veel van onze patiënten: net de mensenwereld....”, mompelt mijn collega en we sluiten onze rookpauze af met een blik op Sjaan onder de auto en op Truus in de fietsmand.

Als we naar binnen gaan horen we James nog een luide kraaiserenade geven.
Een bedankje........ of een waarschuwing dat we ons niet te veel met zijn zaken moeten bemoeien.





© Gavi Mensch
Utrecht, 2-10-2009

.

2 opmerkingen:

BigRooster zei

Mooi stukje, maar geloof me IRL ben ik helemaal niet zoals Kaerel... ;<>)

Okeej, ik geef het toe, een beetje dan!

Gavi Mensch zei

zojuist vernomen: de duif leeft nog maar die haan is.... http://youtu.be/7g48bRQ9zRY

Een reactie plaatsen