woensdag 23 februari 2011

Kreas stikje.

.

In de achterkamer, aan de grote ronde eettafel zat mijn grootvader. Hij was altijd bezig met het corrigeren van ingezonden huiswerk van zijn vele leerlingen, met zijn studies of met ons. 
Opa was vroeger onderwijzer geweest en door een ongeluk stokdoof geworden. 
Om de inkomsten op een redelijk peil te houden had hij aktes gehaald voor het geven van schriftelijke lessen handelscorrespondentie in het Frans, Duits en Engels. 
En hij studeerde nog steeds om betere aktes te kunnen halen en om zijn kennis te vergroten.



Hij was recht door zee, een pietje precies en een no-nonsense man. Van origine uit Bolsward, een rasechte Fries.
Hij was weinig eisend en had slechts een paar ondeugden. Dat hij rookte was er een van. Hij draaide zelf zijn sigaretten van losse tabak in een intrigerend apparaatje van zeemleer en rollertjes. Ik keek altijd weer met verwondering naar zijn truc, rollertjes uiteen klappen, zuinigjes tabak ertussen, rollertjes weer dicht, met de duimen het zeemleer doordraaien, vloeitje in het midden, draaien en dan het randje van het vloeitje bevochtigen. Nog een draai, dan deed hij de rollertjes uit elkaar en daar lag zijn sigaret. Na de ochtendkoffie stak hij hem op, rookte zwijgend zonder al te diep te inhaleren en maakte hem uit als hij op de helft gekomen was. De andere helft rookte hij na het middageten.

Ondanks dat hij gek was op taal en vreemde talen sprak mijn grootvader nooit Fries met ons, wel legde hij woorden uit of de herkomst ervan.

Zijn gereformeerde inslag was nergens aan te merken. Op zondag, bij mooi weer, fietste hij met minstens vier kleinkinderen achter zich aan over de dijken naar een nabij gelegen dorp. Hij hield ons via twee zijspiegels in de gaten, hij hoorde geen auto's aankomen en geen claxons. Hij waarschuwde ons via handgebaren, als een dirigent. In het dorpje stopten we en kregen we een ijsje en uitleg over planten en vogels. Dan fietsten we terug.

Niemand in het zwaar gereformeerde dorp durfde ook maar iets te zeggen van Opa's activiteiten op de Dag van de Heer. Soms ging Opa naar de kerk. We mochten niet mee, de kerk was volgens hem geen plaats voor kleine kinderen; hij vond die in zondagse kleertjes gestoken jongetjes en de langgerokte kleine meisjes met hoedjes larie. Kinderen hoorden te spelen en te leren, vond hij. Larie was een van Opa's stopwoorden, het paste uitstekend bij hem. En zijn ergste vloek was sakkerloot. Als hij dat zei ging er iets vreselijk mis.

Ik was degene die het meest bij mijn grootouders kwam. Het was er gezellig, leerzaam en veilig. Opa was streng maar rechtvaardig, verzon ludieke straffen waar ik iets van leerde. En hij leerde me schaken en dammen en dus denken en vooruitzien.

Ooit kwam ik bij hem met mijn rapport, met daarop een slecht cijfer voor Duits. Ik dacht dat het wel gerechtvaardigd was. Mijn grootouders hadden in het verzet gezeten, een illegale krant gedrukt en onderduikers onder de vloer van de eetkamer verborgen; de verhalen kan ik nu nog dromen.
Maar tot mijn verbazing werd zei mijn grootvader: 'Sakkerloot!'

Ik moest voor hem komen staan en terwijl hij me in de ogen keek zei hij dat het noodzaak was om een goed cijfer voor Duits te halen. Simpelweg omdat het kunnen communiceren met de vijand heel veel doden kan besparen. Hij stelde dat als je de Duitse soldaten had kunnen vertellen hoe gevaarlijk Hitler was, ook voor zijn eigen volk, ze misschien begrepen zouden hebben dat het een domme strijd was. Dat die waarschuwing heel veel mensen, ook Duitsers, het leven had kunnen redden.



Als straf, ik was al veertien, moest ik een opstel over zijn geboorteplaats schrijven, in het Duits. Toen ik klaar was keek hij het na en onderstreepte met rood de fouten. In de kantlijn zette hij de verbeteringen, met potlood.
Daarna glimlachte hij en zei, zomaar ineens in het Fries: 'Kreas stikje'.

Het was het mooiste compliment dat ik ooit van hem heb gehad.

Vlak voor zijn overlijden studeerde ik in een semester Duitse hedendaagse literatuur, aan de universiteit van Zürich.  Voorlezen kon ik hem niet, hij kon niet zoveel tekst liplezen. Maar af en toe gaf ik hem een van mijn gedichtenbundels en daar keek ie dan in totdat hij in slaap viel. De bundel heb ik nog, ik spreek niet vaak Duits maar ik lees het graag.




© Gavi Mensch
22-2-2011


6 opmerkingen:

Boveld zei

Lief. Zo zijn opa's.

deFrysk zei

Heel leuk

Anoniem zei

Leuk stukje. Herkenbare feiten van het Friesland van weleer.
Paul uit Sneek

Warvis zei

Erg goed geschreven. Mooi helder taalgebruik, mooie zinnen en zeer onderhoudend. Goed verhaal ook.

Je hebt er een fan bij!

Tsjeers.

ton zei

Mooie opa, mooi verhaal.

Anoniem zei

Mooi gavimensch boeiend geschreven. Ik herken de tijdsgeest. WiEs van twitter

Een reactie plaatsen