vrijdag 18 maart 2011

Doezelfilosofie

.
Ik voel dat ik geen invloed meer heb op hoe mijn leven verloopt. Heb ik eigenlijk wel enige invloed gehad? Betekent het dat ik nu geen doel meer heb anders dan ouder worden? En doodgaan op een dag? Ik weet dat dat goed voelt.
Of komt het door enkele momenten van innerlijke vrede?

Terwijl ik de film over Trueman Capote zat te kijken doezelde ik even in slaap. Het was maar even want toen ik weer op het scherm keek kon ik geen hiaat ontdekken in het verhaal.

Het even wegzakken in het niets was een goed gevoel. Na zoveel weken van slechte sfeer om me heen, weinig relaxed, had ik vanavond tegen de patient gezegd dat hij weer mee kon eten. Hij at, bedankte niet, deed geen poding om aardig te zijn en vertelde dat hij het niet meer aankon. Dat wist ik al. Het leven is veel te zwaar voor hem, zonder drank overleeft hij al zijn zelfgebreide verdriet niet. Zonder het projecteren van zaken als zijn onvrede met de wereld en de ongerechtigheden als het niet erkennen van zijn grootheid kan hij niet meer functioneren. En hij kan geen stap lager, hij is wat het leven van hem gemaakt heeft. Hij heeft daar alle stenen aan bijgedragen en heeft er niets van weten te bouwen.

Vanavond voelde ik dat het niet alleen goed is om je af en toe te verliezen in het onallerdaagse: het is absolute noodzaak om je te realiseren dat het allerdaagse de weg is en niet de invulling. En voor mij telt de invulling, hoewel ik begrijp dat ik niet invul, het gebeurt gewoon. De verrassingen van het leven verbazen me telkens weer, houden de vaart erin, van het ene project naar het andere. Geen twee dagen hetzelfde, geen jaar gelijk aan het vorige. En ik ben de laatste die al die onrustigheden probeert te stroomlijnen. Ik vind het goed.

En dan komt er zo’n moment van gelukzaligheid zoals even geleden. Een intens moment van rust en tevredenheid met het bestaan van zo’n moment. Weten dat ondanks alles het leven goed is. Weten dat er iemand is die aan me denkt, terwijl hij nog probeert uit te zoeken wat dat inhoudt en wat voor veranderingen ik met mijn impulsiviteiten in zijn sombere bestaan ga veroorzaken. Weten dat er hier een patient rondloopt die met compassie gevoed wordt. Weten dat mijn kinderen ergens mee bezig zijn. Weten dat mijn vriendinnen een deel van hun weg vrijmaken voor mij. Weten dat ik nog jaren kan werken en vrijen en lachen, in die volgorde of in welke volgorde dan ook. En dat ik kan huilen en meehuilen.

Passie en compassie zijn de voeding voor het voortbewegen, het vernieuwen en ook voor het verouderen. Herinnering op herinnering stapelen en zorgen dat de stapel niet omvalt, kost energie. Vernieuwen van gedachten is als een frisse wind die het stof van de gedane zaken even doet opwaaien en dan die oude gedachtes weer laat verdwijnen onder een verse laag. Vers stof, een onbewuste deklaag die valt en waar ik niets voor hoef te doen.

Zomaar even wegdoezelen, even sterven en dan weer wakker worden.
Voelen dat je leeft. Zo voelt geluk.




©Gavi Mensch
Uit mijn dagboek: Vanaf de 18de verdieping
Rotterdam, 21-1-09

.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen