donderdag 7 februari 2013

Ruth




Dertig jaar jong en dertig jaar oud.

Een leuke jonge vrouw om te zien, qua uiterlijk. Helaas blowde zij de hele dag door thuis, kon geen invulling geven aan haar dag. Seksueel misbruik en door haar moeder aangeleerde ongeremdheid, altijd op zoek bij de verkeerde naar die zo noodzakelijke veiligheid. Toen ze bij ons kwam was ze op alle fronten verwaarloosd, zwaar depressief en met een “zwaar” etiket. Een muur om haar heen, nog dikker en hoger dan die van Berlijn en erachter de opeenstapeling van narigheden. Psychiatrische patiënte.

Vijf weken lang alle zwakke plekken aangepakt om door de muur heen te komen. Nieuwe medicatie. Groepstherapeutische gesprekken. Elke dag een stukje assertiever, vooral tegen de medewerkers. Grenzen aangevend. Boos zijn om reële dingen. Strak begrenzen van haar negatieve houding. Ik bracht onzinnige ideeën naar voren waar ze dan om moest lachen. Ze werd weer wat creatiever.
Tekening Chawwa Wijnberg
Chawwawijnberg.nl
Af en toe ging ze een middag naar huis. Alleen, geen familie, weinig vriendinnen, geen vrienden, behalve die uit het gebruikerscircuit en die meed ze als de pest.

Heel alleen en  heel hard werken aan een onzekere toekomst. 

Het ging wel steeds beter met Ruth, maar de dag voordat zij naar huis zou gaan, kwam ze huilend vragen om een gesprek. Ze durfde niet naar huis. De kliniek was een veilig toevluchtsoord geweest.  Heel begrijpelijk, maar ze had alle fases doorlopen en het werd tijd om het zelf in praktijk te gaan brengen. Bange ogen en een gebogen hoofd. Grote tranen die op haar kleren drupten.

Ik ging voor haar zitten en voor ik het wist sloeg ze twee armen om mijn hals en huilde hoorbaar met haar hoofd op mijn schouder gedurende enige minuten. Toen keek ze me aan en zei:’Ik weet dat lichamelijk contact niet mag, maar het feit dat je je niet losgemaakt hebt, betekent voor mij dat je mij even belangrijker vond dan de regels. Eigenlijk was dit wat ik nodig had om naar huis te kunnen gaan. Eigenlijk had ik dit jaren geleden moeten doen, moeten kunnen doen, troost zoeken en vinden bij iemand die niets van mij wil. Ik zal je nooit vergeten”.

Ik ben haar en haar wilskracht  ook nooit vergeten. Ik kom haar nog wel eens tegen op de fiets en dan zwaait ze en werpt ondeugend een kushandje. Dan denk ik, stiekem, dat voor sommige mensen de regels niet goed zijn, of juist wel!




© Gavi Mensch,
Utrecht, juli 2009
Nederland BV, 7-2-2013

Eerder gepubliceerd in de Psy. Naam is  fictief.

©All right reserved 2009

2 opmerkingen:

SandraKleefstra zei

Mooi. Mooi wat je doet (deed). Mooi hoe respectvol je schrijft. Mooi dat je ons dit laat zien!

Pim Frijling zei

Mooi verhaal. Wat menselijk contact vermag is niet in regels te vatten.

Een reactie plaatsen