maandag 20 februari 2017

Piraten zijn cool




Piraten zijn cool,  zegt mijn kleinzoon
Goed, na heel veel lees- en uitpluiswerk ga ik me dan maar eens concentreren op de Piratenpartij.

Ik heb daarvoor wel enkele voor mij geldige redenen waaronder:
Het Finse voorbeeld
Een vrouwelijke lijsttrekker
Een meer democratische democratie
Baas over eigen leven
Liquid democracy



Lees het interview in Vrij Nederland  eens door en vergelijk sommige zaken eens met de vastgeroeste werkelijkheid. Enkele opmerkingen spraken mij extra aan.

[.....Bijvoorbeeld de echtgenoot van Edith Schippers, onze minister van Volksgezondheid: die bleek als consultant geld te verdienen aan haar beleid. Over zulke zaken wil ik Kamervragen stellen.’.....]

[...Maar nieuwe methoden als Loomio maar ook liquid democracy maken directe zeggenschap van de burger tussentijds mogelijk. Volgens liquid democracy kan je je stem op bijvoorbeeld het gebied van zorg toevertrouwen aan iemand die je kent die daar veel verstand van heeft. Op die manier kan je in de democratie veel beter gebruik maken van de expertise van de burgers, en het vergroot de democratische betrokkenheid.’....]

[...En dan het gedoe over het bonnetje van Fred Teeven. Ard van der Steur is de derde VVD-bewindsman die erover is gevallen, maar Rutte lijkt er nauwelijks last van te hebben. Het verbaast me dat de verontwaardiging over de houding van de VVD niet veel groter is. Daardoor denken ze in die partij nog steeds dat ze met alles kunnen wegkomen, en.’...]


Ik heb al aardig wat verschillende partijen gestemd in mijn leven. Helaas gaan de meesten niet met de tijd mee, dulden geen inmenging of hebben te veel punten die overeenkomen met de gevestigde orde. En ze zijn vooral goed in het hanteren van partijbeschermende maatregelen.

Ik zou een partij willen die dagelijks meegaat met de gang van zaken. Die mij vertegenwoordigt in zaken die ik belangrijk vind voor de toekomst, voor mijn kinderen (uit de low-protest-generatie) en kleinkinderen die ik nog protestfähig moet maken (alleen op het gebied van de volksvertegenwoordigers).

Ik houd de Piratenpartij al jaren in de gaten. Ik snap dat Ancilla een mooie lijsttrekster is maar dan denk ik dat het ook wel een goede zet is. Ik ben niet zo'n vrouwenvrouw maar alles is beter dan de koppies van die half ingedutte mannetjes. Het zou andere partijen geen kwaad doen al die mannen eens van de eerste plaats te halen.
Tot zover deze korte overpeinzing.
Wordt hopelijk vervolgd.


©Gavi Mensch
Nederland BV 18-2-2017








woensdag 15 februari 2017

Volk en stemvee.



Veel populisten en ook minder populisten zeggen te spreken uit de naam van het volk. En het ergste is dat de politiek links van het midden deze standaardiserende en vaak denigrerende benamingen heeft geaccepteerd en ze soms overneemt.

Ik heb daar altijd een hekel aan gehad en het moest maar eens afgelopen zijn.
Het op een hoop gooien van de belastinggeld-ophoesters die de inkomens van de pluchezitters betalen vereist een andere manier van aanspreken.
De politiek klaagt over de narigheid over henzelf gespuid op twitter en andere media, ik moet er vaak om lachen, het zijn allemaal vernederende koekjes van eigen deeg.


Even voor alle duidelijkheid, als types als het peroxideding, Rutte of jongetje Pechtholt het hebben over de Nederlandse Kiezer, gebruiken ze daarvoor  graag de volgende benamingen:

Het volk
De burgerij
De gemiddelde burger
De armen
Het stemvee
Het publiek
De gewone man
Jan met de pet
De arbeider
De gemiddelde arbeider
De kleine man
Iemand van het gewone volk
De man van de straat
Jan de Arbeider
Jan Boezeroen
Het gemiddelde publiek
De gemiddelde stemmer
De volksbeweging
Wij (Ons)
Men
De burger
De mens
Het stemvolk
Vrouwen
Mannen

Opmerkelijk is dat men vrijwel alleen over mannelijke burgers spreekt.
(Dan is het eigenlijk wel logisch; vrouwen steken vaker hun hoofd boven het maaiveld uit.)
Dus wie 'ONS' en mij verwart, of me bij een van bovengenoemde benamingen denkt te kunnen plaatsen, hoeft niet te rekenen op mijn stem.
Blijft er dan nog een partij over?
Ik vrees het ergste.



Eveline van Donkelaar
Nederland BV, 20-2-2017






zaterdag 4 februari 2017

Diagnoses met de neus…..


Een diagnose 'opbouwen' is geen kwestie van bloed en urine onderzoek. Het is eigenlijk eerst een kwestie van kijken en zien, observeren, voelen ruiken, vragen en luisteren, sfeer proeven, optellen en aftrekken. Dan is het andere onderzoek slechts een aanvulling.

Voorheen deden de verpleegkundigen al die observaties van de patiënt ten bate van de diagnostiek. Daarvoor hadden we een gedegen kennis opgedaan met als basis anatomie en fysiologie, psychologie en pathologie. Verder werden we getraind in kijken, luisteren en communiceren met patiënt door een docent omgangskunde. 


Tijdens de avonddiensten op de SEH (toen nog gewoon de Eerste Hulp) deden we opnames en de truc was om een diagnose te stellen op basis van observaties die je dan een week of wat later terug kon zien. Ik heb meer weddenschapjes gewonnen dan verloren. Onze observaties kwamen duidelijk beschreven in het verslag (dossier) en de arts kon daar soms al een prediagnose uitfilteren: Soms was er een arts die tijdens de patiëntbespreking vroeg waar mijn observaties op zouden kunnen wijzen. Dat was de uitdaging om echt goed te observeren en om duidelijk te rapporteren.

Kom daar nu maar eens om, denk ik wel eens als ik hoor hoe vaak mensen naar een ziekenhuis moeten voor iets dat eigenlijk al duidelijk is. Maar al die bezoekjes brengen geld in het laatje en het is alleen maar lastig dat er ook nog een patiënt aan vast zit. Gelukkig is dit maar een klein percentage, er zijn fantastische medische teams.
Helaas ontbreken daar soms die snuffelende verpleegkundigen aan die nog die ouderwetse opleiding hebben gehad.

Of dat nog goed komt weet ik niet. Ik zie ze op het HBO niet aan poep en plasjes ruiken (dat kan eigenlijk alleen bij een in-service opleiding) en daar dan een heel kort en duidelijk verslag over schrijven. Over braaksel kun je heel veel zeggen en wonden ruiken allemaal naar hun eigen ziekteverwekker. Iemands houding geeft soms aan waar het letterlijk knelt en de pijn is af te lezen aan houding en mimiek Ik ben niet zo vaak in de luren gelegd door op elkaar geklemde lippen en het bijbehorende "het gaat wel".

Om die observaties te kunnen doen, heb je goede leermeesters nodig en geen mensen die per minuut werken. Maar ik denk dat ook veel te veel artsen vertrouwen op door machines gegenereerde uitslagen. Ik vraag me zelfs af of ze überhaupt nog wel een lesje wondruiken krijgen. Ik pleit voor de herinvoering van deze diagnosetechnieken en voor meer praktisch onderwijs in de zorg, alle zorg!




© Eveline v. Donkelaar
Nederland BV. 26-8-2016 

Uit: archief verpleegkundige observaties






.

woensdag 1 februari 2017

Overpeizingen van een mensch met kraak.




Als ik me oud voel, ouder dan ik ben, ouder dan de jaren die ik geleefd heb, helpt het om te bladeren in mijn beschreven verleden. De redenen waarom ik me oud voel, soms, worden dan duidelijk. Ik heb veel gedaan, goed en fout, meer goed dan fout, gelukkig; jawel, dat kan alleen ik maar beoordelen. Voor mijn fouten heb ik al geboet, ik heb er al wakker van gelegen, ik heb ze de revue laten passeren en erover nagedacht. Ik kan het verleden niet veranderen. Ik heb het een en ander overleefd en ik daarom wil en kan mij zelf niet veranderen, de overlevingsstrategie is in mijn persoonlijkheid ingebed. Ik kan wel gaan huichelen en draaien maar dat zit er niet in, zo ben ik niet.

Wel zie ik waar anderen soms last hebben gehad van mijn ietwat temperamentvolle  (klinkt niet zo erg) persoonlijkheid. Ik kan dat niet terug draaien, aan excuses heeft niemand wat; het meeste is te lang geleden of zijn die anderen dood.  Als ik tegenwoordig wat schrijf geef ik anderen in ieder geval de ruimte om het NIET te lezen. 

Ik heb grote moeite met een gebrek aan loyaliteit. Ik verdedig mijn mensen door dik en dun. Als ik dat ten onrechte doe, zeg ik dat later in een 1 op 1 situatie en nooit waar anderen bij zijn. Natuurlijk verwacht ik die loyaliteit ook maar alleen van mijn mensen, de mensen die me kennen en die ik ken. Vrienden en vriendinnen en anderen die die loyaliteit van mij 'for granted' namen kwamen van een koude kermis thuis. 

Ben ik lastig, vraag ik me dan? Daar kan ik 'ja' op antwoorden. Ik heb zo'n kop die alsmaar boven dat maaiveld uit wil. Anderen zouden zich daar voor kunnen schamen. Daar kan ik niets mee, helaas.  Het wil dus niet zeggen dat ik graag in het centrum van de belangstelling sta, helemaal niet; ik vind toegezongen worden al moeilijk. En die kop steek ik niet met voorbedachte rade naar boven.

Ik heb het meeste in mijn leven zelf moeten doen, ik wil dat blijven doen op de manier die mij het meest effectief lijkt, als was het maar met af en toe in plaats van een klopje op eigen schouder. 
Dat is ook zo'n teken van ouderdom. Dat die klopjes op mijn schouder vaak komen van nieuwe mensen. Dat is prettig. Door dat  'for granted' nemen krijg je steeds minder complimentjes.

Mijn kleinkinderen brengen mij weer terug in het heden. Veel van wat een moeder 'fout' doet, kan ze enigszins verbeteren bij de tweede kans die het zorgen voor kleinkinderen eigenlijk is. Tijdens een uitgebreid en meer relaxt (groot) moederschap zonder moederschap te zijn. Omaschap is heel spannend en leerzaam.   

Hoe ik hier op kwam? Oh ja ( dit is ook een teken van geen 16 meer zijn, de draad kwijtraken), ik zat te bladeren in het nog niet zo verre verleden en kwam de volgende herinnering tegen: 


Kinderlogica.


Daar op de rieten poef
Die kraakt van ouderdom,
Wiebelt ze en vraagt
Waarom die mand kraakt.

Ouderdom zeg ik
die mand is al heel oud

Dan kruipt ze lachend
Op schoot bij mij en
Zegt al wiebelend
En blij; Jij kraakt niet

En jij bent ook al oud
Maar jij bent geen mand


Blanca december 2013 






©Gavi Mensch
Maastricht, 1-2-2017