Posts tonen met het label toekomst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label toekomst. Alle posts tonen

maandag 20 februari 2017

Piraten zijn cool




Piraten zijn cool,  zegt mijn kleinzoon
Goed, na heel veel lees- en uitpluiswerk ga ik me dan maar eens concentreren op de Piratenpartij.

Ik heb daarvoor wel enkele voor mij geldige redenen waaronder:
Het Finse voorbeeld
Een vrouwelijke lijsttrekker
Een meer democratische democratie
Baas over eigen leven
Liquid democracy



Lees het interview in Vrij Nederland  eens door en vergelijk sommige zaken eens met de vastgeroeste werkelijkheid. Enkele opmerkingen spraken mij extra aan.

[.....Bijvoorbeeld de echtgenoot van Edith Schippers, onze minister van Volksgezondheid: die bleek als consultant geld te verdienen aan haar beleid. Over zulke zaken wil ik Kamervragen stellen.’.....]

[...Maar nieuwe methoden als Loomio maar ook liquid democracy maken directe zeggenschap van de burger tussentijds mogelijk. Volgens liquid democracy kan je je stem op bijvoorbeeld het gebied van zorg toevertrouwen aan iemand die je kent die daar veel verstand van heeft. Op die manier kan je in de democratie veel beter gebruik maken van de expertise van de burgers, en het vergroot de democratische betrokkenheid.’....]

[...En dan het gedoe over het bonnetje van Fred Teeven. Ard van der Steur is de derde VVD-bewindsman die erover is gevallen, maar Rutte lijkt er nauwelijks last van te hebben. Het verbaast me dat de verontwaardiging over de houding van de VVD niet veel groter is. Daardoor denken ze in die partij nog steeds dat ze met alles kunnen wegkomen, en.’...]


Ik heb al aardig wat verschillende partijen gestemd in mijn leven. Helaas gaan de meesten niet met de tijd mee, dulden geen inmenging of hebben te veel punten die overeenkomen met de gevestigde orde. En ze zijn vooral goed in het hanteren van partijbeschermende maatregelen.

Ik zou een partij willen die dagelijks meegaat met de gang van zaken. Die mij vertegenwoordigt in zaken die ik belangrijk vind voor de toekomst, voor mijn kinderen (uit de low-protest-generatie) en kleinkinderen die ik nog protestfähig moet maken (alleen op het gebied van de volksvertegenwoordigers).

Ik houd de Piratenpartij al jaren in de gaten. Ik snap dat Ancilla een mooie lijsttrekster is maar dan denk ik dat het ook wel een goede zet is. Ik ben niet zo'n vrouwenvrouw maar alles is beter dan de koppies van die half ingedutte mannetjes. Het zou andere partijen geen kwaad doen al die mannen eens van de eerste plaats te halen.
Tot zover deze korte overpeinzing.
Wordt hopelijk vervolgd.


©Gavi Mensch
Nederland BV 18-2-2017








zondag 29 januari 2017

Kinderopvang en kwaliteit, de problematiek






Ik heb een nieuw kleinvriendje, tijdelijk, ik ben een ingeleende oma in een gezin met een omagebrek.

Het betreffende kleinvriendje dat me nu Omajien noemt, is een schattig en bijdehand ventje van 2, Tom genaamd; een kindje met wat wij een slechte start noemen. Ziekenhuizen, operaties en een behoorlijke uitdaging om een kindje met een klein geboortedefect door het eerste jaar te slepen, zorgen voor een vroegwijs mannetje dat de volgorde een beetje kwijt is. Zoals eigenlijk alle peuters die iets langer met moeder alleen waren, ziek zijn geweest of zich in een speciale situatie bevonden, heeft hij een beetje last van het verschil in mijn en dijn. 

En van onbekende gevoelens waar hij nog niets mee kan. Wat zich soms uit in knijpen, meppen of bijten. Bijten doet het meest zeer en heeft dan ook een zware consequentie, in Tom's geval: *verwijdering uit de normale peutermaatschappij.


De moeder is sinds kort bezig om haar werk weer op te pakken en de jongeman mag dagdelen spelen op een kinderdagverblijf. Helaas heeft Tom een verdedigingsmechaniek ontwikkeld en bijt letterlijk van zich af. Het kinderdagverblijf zet Tom (natuurlijk uit angst voor de ouders en de reputatie maar ongehinderd door kennis van zaken) de deur uit. Ook een volgend kinderdagverblijf wijst moeder en kind de deur.
Ouders gaan naar besprekingen met een psychologe, iedereen ( behalve de reguliere kinderopvang) verdiept zich in de materie en uiteindelijk wordt besloten om het kindje enkele dagdelen naar een MKD te laten gaan, een medisch kinderdagverblijf.

Aan mij om het ventje op te halen en hem mee naar huis te nemen tot zijn moeder, die in de buurt werkt, hem ophaalt. Ik speel ook enkele dagen in de week met mijn kleinkinderen en de uurtjes met Tom kunnen daar nog prima bij.

Ooit ben ik mijn zorgcarrière begonnen als KVJV'er (nu pedagogisch medewerker met een aantekening) in een medisch kinderdagverblijf, dus Tom roept goede herinneringen op. Het is zo'n halve eeuw geleden dat ik daar werkte en mijn kennis over speciale kinderen heb ik de laatste 45 jaar aardig uitgebreid, onder andere als verpleegkundige in een kinderziekenhuis. En ik moet vaak constateren dat pedagogische medewerkers niet altijd up-to-date zijn, niet het verschil zien tussen de achtergrond van het ene en het andere kind. En ook de consequenties van de medische behandeling is hocus pocus. Ik stel dan ook voor om de M uit MKD te verwijderen totdat alle medewerkers op de hoogte zijn van wat die M inhoudt.

Het is leuk samenzijn met Tom. Net zoals mijn kleinkinderen is hij afwisselend aanhankelijk en heel onafhankelijk. Ik zie weinig verschil met andere kinderen. Soms heeft hij een stampvoetje, soms een huilbui en soms is hij even gefrustreerd. Een uh-uh en het afleiden van kinderen in zo'n state of mind, gevolgd door de vraag 'waarom' als ze weer gekalmeerd zijn doet wonderen. Uitleggen kunnen ze het nog niet echt maar ze geven wel aanwijzingen en het is aan volwassenen om daaruit het probleempje te filteren.

Mijn kleinkinderen en Tom kunnen rekenen op 1 op 1 momenten, zowel thuis als ook bij mij.
Ook in het MKD gaf ik vroeger ruimte voor een 1 op 1, dat was absoluut nodig voor de ontwikkeling en zeker voor kinderen met een opstartprobleem, een gezondheidsprobleem of situaties die veel stress veroorzaakt hebben. Maar de meeste MKD's hebben kinderen met grote gebreken, zowel lichamelijk als ook geestelijk. Het was destijds geen opvangplek voor kinderen die door ondeskundigheid van kinderdagverblijfmedewerksters niet op de reguliere opvang terecht konden Nu lijken de bezuinigingen en de minder brede opleidingen te zorgen voor overbevolking van MKD's met kinderen en medewerkers die daar niet horen. Verder zijn er de bezuinigingen; die zorgen te vaak voor dubbele groepen en/of te weinig leidsters en/of te veel stagières.

Dat gaat ook op voor alle soorten kinderdagverblijven.

Afgelopen week toen ik Tom ging ophalen vroeg ik iets over buitenspelen. Het was geen mooi weer maar het leek me niet prettig om de hele dag in een klein groepslokaaltje te moeten zitten. Om over de slaapplekjes maar niet te praten. Het konijn op de kinderboerderij heeft meer ruimte. 
Er werd heel fel op gereageerd door een jongere leidster. Die heb ik snel uitgelegd dat het nog geen aanmerking was maar een vraag en dat daar een wezenlijk verschil tussen is. Hoe dan ook kreeg ik te horen dat al die jasjes en mutsjes en sjaaltjes en snotneuzen zoveel tijd in beslag namen dat het de moeite niet waard was. Ik gaf aan dat die tijd ook besteed werd aan de kindjes, met een brede lach, maar de jonge dame liep weg waarop een oudere leidster haar vragend nakeek. We wisselden een knipoog uit, Iedereen heeft zijn dag wel eens niet, dacht ik.

Maar toen ik van de week mijn vriendje ging halen zat hij aan tafel in een triptrapstoel waar hij niet zelf uit kon (deed me denken aan de vastgezette ouderen in een geriatrische instelling waar ik als wijkverpleegkundige kwam). Hij was heel enthousiast dat ik hem kwam halen en zwaaide vrolijk met zijn armen. Toen trok hij een educatief spelletje dat op tafel stond naar zich toe om het me te laten zien.

Ik schrok van de reactie van de leidster. Met een nare harde stem zei ze: "Tom niet doen, mag niet" terwijl ze het ding uit zijn handjes trok en verder weg op tafel zette. En aangezien ik oud ben en mijn mond niet meer hoef te houden, keek ik de leidster in de ogen en zei met een, voor haar niet te peilen, glimlach dat dát een veel te felle en niet educatieve actie was.

Ik haalde Tom uit zijn stoel en keurde haar geen blik waardig. In het benauwde slaaphok annex garderobe annex bergruimte pakten we zijn rugzakje en zijn jas. De jas legde ik demonstratief midden in ruimte op de grond en liet Tom op zijn manier, keurig zelf zijn jas aantrekken. "Goed van hem hè", zei ik tegen de bozige leidster. Ze zei niets.  

Mijn opmerking over ondeskundigheid en een gebrek aan communicatiemogelijkheden van sommige medewerkers werd hierbij bewezen. 

Er is een gouden regel: als je wilt praten met een kind, het iets verbieden of corrigeren, zorg dan altijd dat het kind je ogen ziet en dat hij aandacht heeft voor wat je zegt.
En als je een fout maakt, zeg je sorry. 
Maar behalve dat heeft deze leidster nog veel meer te leren. Namelijk dat ze een voorbeeld is voor kinderen en ouders en dat begreep deze jongedame echt niet. 

Het is niet zo maar een vak! Een leidster moet veiligheid bieden, rechtvaardig zijn en liefdevol. Ze moet kinderen verder helpen. Deze leidster lijkt mij persoonlijk totaal ongeschikt. Het is te hopen dat het medisch kinderdagverblijf aan bijscholing doet. Anders moeten we het daar maar eens over hebben.

Hoe dan ook, ik ga er persoonlijk voor zorgen dat Tom binnen de korst mogelijke keren terug kan naar een gewoon kinderdagverblijf. Een dat ik persoonlijk kan aanbevelen. Waar de communicatie met de ouders verloopt via What'sapp, waar live-momentjes doorgegeven worden, waar geen berispende overlegjes met ouders plaatsvinden. Waar een kind gewoon een kind kan zijn. En waar bijten en slaan en knijpen een onderdeel zijn van het groter worden en geen criminele activiteit.

MKD's moeten gerenoveerd worden. De methodes op sommigen zijn hopeloos ouderwets weet ik van een neuropsycholoog die er ooit een periode meeliep.

Wie is zich er nog van bewust dat de opvang van jonge kinderen een uitermate verantwoordelijke bezigheid is? Kinderen worden niet gestald en medewerkers plakken geen stallingsbewijs op het voorhoofd van het kind. Dat geldt voor peuterspeelzalen en kinderdagverblijven, voor BSO's en helemaal voor MKD's.

En tot besluit, mijn beide kinderen hebben op kinderdagverblijven en BSO's gezeten. Daar hebben ze behalve een multiculturele sociale omgeving genoten van volwassenen die er waren voor hen. Ook daar ging wel eens iets fout. Door mijn schuld of door het botsen van opvoedingsmethodes of onredelijkheden. Daar werd over gepraat, daar werd van geleerd, ook door mij, en meestal niet waar de kinderen bij waren. Mijn kinderen hebben er zaken geleerd die ze thuis niet leerden. Ze begrepen dat ze niet mee konden naar mijn werk en dat werk behalve plezier ook geld op leverde.

Ik vind dat heel veel opleidingen op de schop moeten. Dat een opleiding voor pedagogisch medewerker op minimaal havo en daarna mbo niveau moet. Dat er voor medewerkers op een MKD nog strengere eisen zijn. Dat elke stap die ze doen voor het welzijn van het kind moet zijn. Dat ze medische en psychologische achtergronden moeten kunnen begrijpen maar ook hanteren. Dat er begeleidingsplannen gemaakt moeten worden samen met de ouders of voogden en dat die toetsbaar moeten zijn.

Het verhaal van Tom is nog niet afgelopen natuurlijk. En het is geen op zichzelf staande situatie. Bezuinigingen hebben overal tot onveiligheid geleid.

Bezuinigingen op de toekomst van onze jeugd is bezuinigen op de toekomst van iedereen.


©Gavi Mensch
Nederland BV, 29-1-2017






NB *verwijdering uit de normale peutermaatschappij lijkt me een ernstige zaak, soms veel ernstiger dan de reden waarom.
Ik ben hier dan ook nog niet mee klaar en ga op zoek naar de regels van kinderdagverblijven en hun mogelijkheid om een kind te weigeren ( lees marginaliseren) en hun verplichting om kinderen en ouders bij te staan als er kleine moeilijkheden zijn. 




zaterdag 14 november 2015

2 0 1 2 resumé




Dit jaar heb ik wat minder geblogd en 120-woorden stukjes geschreven, wat meer getwitterd, dat had zo zijn redenen, en veel gelezen van anderen. Ik heb me verdiept in zaken waar ik al 30 jaar weinig tijd voor had genomen. Kunst kijken en met ogen dicht luisteren naar muziek. En meer luisteren naar mijzelf.

Maar waar ik het meest mee bezig ben geweest was met het spook van  het grote en s verbazingwekkende snelle verval van en in ons land.
Eigenlijk heeft het verval overal op de wereld een naar modderspoor achtergelaten.

Het maximale regeren met geld, het zwaaien met toverstokjes om daar nog meer geld van te maken, het over mensen heen walsen, soms letterlijk. Gemene oorlogen, broers die tegen elkaar opgestookt worden. Armen die zich moeten wentelen in het vuil dat de rijken achterlaten. Gevaarlijk gestoorde volwassenen, haatzaaiers, slechte voorbeelden, verdrietig gestoorde kinderen, dodelijk geplaagde jongeren. Gevoelloze ministers die elk in hun eigen met fluweel gevoerde tunneltjes zitten.

Er waren tijden dat ik er niet meer tegen kon. Een zweep krijgen om je collega's mee vooruit te jagen, gillend hysterische managers die aan huisvrede breuk deden. Ik heb het gekauwd en herkauwd en het blijft onbegrijpelijk.
Onmensen, met veel te hoge salarissen hebben hun eigen spaarpot gevuld met de zorgvuldig gespaarde centjes van anderen.
Patiënten die niet eens de tijd krijgen om te sterven, moordenaars als geneesheer.
Bestuurders die met gemak 10 tot 20 keer zoveel nemen als die twee handen aan het bed krijgen en bejaarden zonder koekje bij de koffie laten of  nog erger zonder wc papier.

Zoveel ellende dit jaar, ver weg maar ook dichtbij.
Hoe krijgt het Kabinet het voor elkaar om twee ton te willen blijven ontvangen, terwijl de voedselbanken zelfs leeg zijn. Een Koningin die op haar strepen staat.
Het is moeilijk om met droge ogen of lage bloeddruk een krant te lezen.
Ik had me zo de wereld niet voorgesteld.

En toch, ik heb twee prachtige kleinkinderen ik heb drie prachtige kinderen, ik heb vriendinnen en vrienden en een handjevol lieve familie.
En ik heb hoop.
Hoop dat 2013 een beter jaar wordt. Ik hoop het niet alleen, ik weet het zeker. Verder afzakken is onmogelijk. We zijn beland op de bodem van de put. Maar we hebben grond onder de voeten, jawel, we kunnen ons afzetten, naar boven.

Ik heb mezelf een belofte gedaan. Ik houd nergens mijn mond meer over. Er gaat veel fout, ik ga vertellen wat ik zie. En ik ga meer corrigeren, gewoon op straat, in winkels, op mijn werk.

En meer schrijven, meer lezen, meer houden van en meer knuffelen.

En veel meer lachen; 2013 wordt het jaar van de schaterlach!




dinsdag 21 januari 2014

Leegstand is humorloze egocentrische desinteresse


.


Een businessplan schrijven voor iemand die dyslexie als enige beperking heeft. Hij is reteslim. Hij gaat een winkel openen.

Iedereen gilt dat hij dat niet moet doen om de doodeenvoudige reden dat er al zo veel winkels leegstaan.
Ik heb gezegd dat ze maar flink moeten gillen, dat is erg positief. En angstig.
Want al die winkels die dichtgaan lagen vol met dezelfde maar veel duurdere producten. Duizend keer hetzelfde bloesje in 20 verschillende maten. De merkschoenen van de een en bijna dezelfde bij de ander met 40 euro verschil. Wat is de lol van een meubeltje kopen bij Xenos dat oud gemaakt nieuw is en 120 euro kost?
Ook online te bestellen? Waar gaat men dan voor winkelen? Voor iets speciaals?

Ik zou het ook wel weten! Als ik nu jong zou zijn zou ik onmiddellijk een leuke winkel openen. Winkels voor het uitzoeken. Leuke huurprijs bedingen of de Dordtse afspraak voorstellen, 1 euro huur totdat het bedrijfje winst gaat maken.

Maar iedereen koopt via internet, gilt de meute dan.
Ja, en het past ook zo lekker bij Zalando, die unieke kleertjes, de gezellige ontvangst alsof je bij vrienden thuiskomt. Toch?

De prachtige meubeltjes van een meubelboulevard online, waar je zomaar eens tussendoor loopt of op gaat zitten? Nee, een echte winkel moet tastbaar zijn en iets extra's hebben
Koffie in een uniek kopje, zomaar. Je mag ook alleen even voor thee binnen lopen.
Ja, het atelier is achter, daar kun je gerust even kijken. Alles is eerlijke arbeid. Wil je een foto van je laten maken in die stoel, om te kijken hoe die stoel je staat? Je kunt hem ook laten uitvergroten, zwart wit en ingelijst. Alles kan. Alles mag.

Een interactieve winkel is recreatief, heeft geen bazen en eigenaars maar vrienden waar je een praatje mee gaat maken en waar je ook nog koopt wat je leuk vindt. Voor een leuke prijs. Originele zaken, recycle design. Vintage en handwerk. Een breiwinkel en een schoenmaker, een die echt schoenen maakt?
Ik zou een straat vullen met zulke winkeltjes, mooi ingericht, de klant verwelkomend en ook nog vriendelijk. Daar kan geen internet tegen op. Groen op straat, bankjes en kunst.
Andere openingstijden. Wat heeft men aan de huidige openingstijden als je aan het werk bent?

Waarom supermarkten geen verlies draaien? Omdat we steeds meer consumeren?
Dat geloof ik niet, we consuminderen over het algemeen maar de andere openingstijden zijn aantrekkelijk. Waarom de Hema op het station het altijd druk heeft? Omdat hij open is! Waarom had mijn vader een florerend bedrijf? Omdat hij wel de winkel dicht deed maar nooit gesloten was.

Dus waarom winkelen van half 10 tot half 6? Wat zijn dat voor rare tijden?
De plek om even binnen te lopen na je werk…de winkel die dan open is. Wie eet er nog om 6 uur? Alleen mensen met kinderen of de vastgeroeste geranium meute die daarna op vaste tijden tv kijkt.

En als je nou eens kon winkelen tot 8 uur 's avonds? En op maandag morgen vanaf 8 uur 's morgens? Als je nou eens meer open bent dan gesloten? Als je leven en werken nu eens verbindt? Als je nu eens witlofschotel maakt en die deelt met vrienden in je winkeltje? Wat is daar op tegen? En als je een dag weg wilt, zorg je gewoon dat iemand anders het een dagje van je overneemt.

Op een zomeravond door een spookachtige winkelstraat wandelen is vreemd.
Hoe maak je reclame? Zomeravonden zijn de leukste winkeltjes open, ze zetten een stoeltje voor de deur en lezen de krant. Als ze iemand hoort zeggen: Wat een schattig stoeltje.... dan zegt de eigenares lachend dat het te koop is. En als de prijs hen bevalt, kunnen ze er gelijk op gaan zitten en het daarna meenemen.


Ik zie winkelstraten met winkels die altijd gesloten lijken: op maandag, op dinsdag, op woensdag en die alleen open zijn op donderdag en vrijdag van 10 tot 17u, op koopavond van 19u tot 21 u en zaterdag en koopzondag van 12 tot 17u. Bijzondere bedrijfsvoering hebben die winkeliers. Die zeggen dan dat ze ook nog een betaalde baan moeten hebben omdat ze het anders niet redden. Tja, dat lijkt me logisch.

Anderen klagen dat ze hun kinderen anders nooit zien.
Ik stel voor dat winkelstraten weer woonwinkelstraten worden en waar kinderen opgroeien met het besef dat die wereld van 9 tot 5 lijdt tot hartfalen en burnouts. Dat je dood gaat zonder geleefd te hebben.

Loopstraten zijn ideale speelplaatsen voor kinderen, daar hebben ze ook wel weer eens recht op. Mijn kinderen zijn in de binnenstad opgegroeid, kenden iedereen, speelden overal. Liepen in mijn winkeltje, spraken de klanten netjes aan. Ze wisten hoe het moest, dat de klanten zorgden voor de inkomsten en dat we van die inkomsten moesten leven.

Mijn 6 jarige zoon was een uitstekende hulp, die zat zoet te tekenen aan zijn tafeltje in een hoekje van de winkel en riep soms tegen een klant: "Oh, dat staat u mooi!" Dat leverde vrolijkheid en verkoop op.


Kleine winkeltjes met elk hun specialiteit, hun aanbod, hun workshops in de vroege avonduurtjes of het weekend.
Winkels die open zijn omdat de eigenaars dat leuk vinden en zo hun geld verdienen.
Winkelstraten die een pretpark moeten worden voor klanten én consumenten, interactief, verrassend, gezellig en concurrerend.

Ik weet zeker dat het kan. Ik heb het zo 5 jaar gedaan ooit toen ik hestellende was van een ernstige ziekte en maar een heel kleine uitkering had. Mijn klanten werden mijn kennissen, sommigen werden vrienden. Veel mensen verzuchten nog steeds dat het jammer is dat mijn winkeltje niet meer bestaat. Gewoon omdat je er ook kon binnenlopen om je verhaal te doen, voor een kop thee en ook nog om iets te kopen.
Ik gaf er les in de avonduurtjes en toen ik weer aan het werk kon deed ik het verpleegwerk erbij.

Winkels zouden leefruimtes moeten worden. Boven koken, douchen en slapen en beneden leven, werken en sociaal bezig zijn. Ik noem maar een mogelijkheid.
Goud geld verdienen doe je nooit in een klein winkeltje, de zorgen zijn dan ook een stuk kleiner. Je boekhouding simpel houden. Fair play. Geen personeel. Vooral geen personeel.
En veel samen doen met andere winkeliers.
Veel grootwinkelbedrijven zullen verdwijnen. Voor veel inkopen kun je net zo goed op internet kijken en bestellen. Veel groot winkelbedrijven hebben geen internet service in hun zaak.
De kleine winkeltjes hebben in hun winkelstraat internetservice met reclame van de provider. De service is dus gratis!

En wat te denken van een transporteur die alle te halen en bezorgen zaken voor de winkeltjes regelt? En een buitenschoolse opvang in de straat zelf? Een urenspeelplaats met ballenbak voor kinderen die niet mee willen winkelen? Een leescafé, een hoedenwinkel, een bijzondere lingerieshop, de kralenwinkel en een racefietsenwinkeltje. Een kleine delicatessenwinkel, open op vrijdagavond tot 22 uur? Een ambachtelijke bakker die ook op zondagmorgen opent met een ontbijtcafé en overdekt, met door zonnepanelen verwarmd, terrasje? 
Leuk toch?

Grootwinkelbedrijven zijn saai en haastig, leuk personeel is zeldzaam.
Kleine winkeltjes waar je zomaar in rond mag neuzen zijn leuk, evenals de degene die graag iets wil verkopen met toepassing van charme en humor.
Je kunt er goed van leven en zelfs nog van op vakantie.
Maar het vraagt om inzet, een zekere hoeveelheid humor en idealisme en een goed geregeld ongeregeld leven.



Nu ga ik verder met het bedrijfsplan.

©Gavi Mensch
21-1-2014

©All rights reserved 2014
Overname van delen van dit blog alleen met toestemming en bronvermelding


Update 13-2-2015: Hou de binnensteden alleen voor de happy few zodat de minder happy lot ook de stad niet ingaat maar vrij parkeert in de winkelcentra aan de rand van de stad. Zo creëer je elitewinkels die ook alleen maar door de happy few bezocht worden. Huurprijzen worden immers door de consument betaald. Voorbeeld: http://www.parool.nl/parool/nl/4/AMSTERDAM/article/detail/3850822/2015/02/13/Huur-in-Amsterdam-niet-meer-te-betalen.dhtml
Bovendien leidt dit alles tot woonfraude en illegale verhuur. Nog meer inkomsten die in de schatkist gemist worden en bovendien verhoging van de criminaliteit. http://www.parool.nl/parool/nl/4/AMSTERDAM/article/detail/3850695/2015/02/13/Woonfraude-in-Amsterdam-flink-toegenomen.dhtml


Update 22-2-2016:  Van het type I told you so. 
Maarrrrrrrr: niet alleen concentreren maar ook leuker maken. En betaalbaar! 

zondag 19 januari 2014

Vechten tegen windmolens?






[ De gegevens van uitvinding van de windmolen zijn verloren gegaan in de nevel van de geschiedenis. Lang is men ervan uitgegaan dat het eerste windmolentype in Europa de standerdmolen is geweest. Maar dit type molen is zo ingenieus geconstrueerd dat het er onmogelijk zo maar opeens geweest kan zijn. Het is daarom aannemelijk dat de standerdmolen door een ontwikkelingsfase is gegaan die enige honderden jaren geduurd heeft. De oudst bekende vermeldingen in de Lage Landen die zeker van een windmolen zijn dateren van ca. 1180. De oudste schriftelijke verwijzing naar een windmolen is terug te vinden in een akte uit 1183 van Filips van de Elzas, Graaf van Vlaanderen, waarin de rechten en bezittingen van de abdij van Sint-Winoksbergen te Wormhout worden vastgelegd: "niemand aldaar mag een wind- of watermolen bezitten zonder toelating van de abt".
[Een windmolen met Oudhollandse tuigage van de wieken kan gemiddeld 25 tot 30 kilowatt leveren]

De oudste windmolens gaan waarschijnlijk zo'n 2000 jaar terug, China had windmolens met rechtop staande wieken. Rond 1100 komen de windmolens ook in de Lage Landen in zicht. 

[In België stond in 1040 al een standerdmolen. De oudste nog bestaande standerdmolen in Nederland is de Doesburgermolen. In 1280 vindt de eerste vermelding plaats van de torenmolen met de draaibare kap. Er zijn nog vier torenmolens in Nederland. In de 15de eeuw verscheen in Nederland de wipmolen als poldermolen. De houten achtkant ontstond in Nederland aan het begin van de 16de eeuw. Ook de tjasker dateert uit deze eeuw. ]


Zo, we zijn er!
Nu onze antieke windmolens vrijwel uitgestorven zijn vanwege het stoomgebeuren, u weet wel: kolen, mijnwerkers, roet en kanker, hebben we voor onze energie hele delen van de aarde leeggepompt. Met alle oorlogen om olie in de Arabische landen van dien. 
Groningen is falling down vanwege het leegzuigen van de gekneusde aardkorst. 
Grote stuwmeren kunnen we hier niet aanleggen met een verval van 300 meter op het hoogste punt. Hele Chinese dorpen zijn weggevaagd door de aanleg van ambitieuze super kostbare stuwmeren. En dan moet je toch iets?







In de 16de eeuw verschijnen de Spaanse windmolens type Don Quichot en de slimme Spanjaarden hebben de windmolen herontdekt.


Foto D'May
Mijn hartsvriendin in Spanje had een klein stukje grond geërfd van haar vader die zijn enorme landerijen had verdeeld onder zijn zoons en zijn dochters ook een klein stukje gunde. Toen mijn vriendin weduwe werd en toch 8 kinderen op hun bestemming moest brengen, verhuurde ze een minuscuul stukje land aan een windmolen exploitant. Dat leverde een geasfalteerd landweggetje op en een flinke duit per jaar. 
Na haar dood hielden haar kinderen het contract aan en hebben een bijdrage aan de opvoeding van hun kinderen in deze barre tijden. Het hele jaar door maken ze gebruik van de kleine boerderij om de kinderen te luchten, de hondjes te laten rennen en ruzie te maken met elkaar.

Alle jaren dat ik naar de kust van Tarifa ( Algeciras) reed om over te steken naar Marokko of om te genieten van de prachtig schoon geblazen zee met het glasheldere water, verwonderde ik me over de protesten van landschapsfreaks over het bijzondere windmolenpark. Het doefdoef van de wieken is veel fijner om te horen dan het doefdoef van langsrijdende hersenloze jongetjes in mijn straat.
Foto D'May


En het uitzicht is vreemd maar het went snel. De machtige reuzen staan met veel plezier schone energie op te wekken en elke doefdoef scheelt weer het ziek worden van mijnwerkers of gesneuvelden in een olieoorlog.

Hier op dit achterlijke lullige stukje aardkloot waar men alleen orgasmes krijgt van geld of gezeur, mis ik de nuchtere Hollanders. Waar de bezitter van minstens een halfmiljoen-villa zeikt over zijn HRA-aftrek maar geen enkel zonnepaneeltje op het enorme dak heeft liggen. En waar de bewoners van het allerplatste stukje saaie polder huilen over die afzichtelijke uitsteeksel in hun smalle blikveld. En over de energierekening. Zal de Lage Landen bewoner ooit gelukkig worden?

Nieuw protest over een windmolenpark in zee; waar beter oogst je storm?
Maar ook in zee mag niet, niet op het land, niet in de polder, kom op zeg, gewoon nergens.
Groningse en Kampse twisten leveren veel beloftes op maar geen acties. Want het grote geld is het grote geld. Heeft niet elke gemeente een stukje gemeente grond?

Ik kijk naar mijn eiland Dordrecht.
Het eiland is flink vol gebouwd, maar er zijn stukken ver buiten het natuurpark de Biesbosch waar je met gemak windturbines kunt neerzetten zonder dat iemand last heeft van het doefdoef.



Een milieuvriendelijke tegenhanger van het slecht onder controle zijnde chemische park aan de overkant van het Hollands Diep. Ten zuiden van het industrieterrein aan de Dordtse Kil kan best een mini windmolenpark geplant worden, het waait er altijd. Voor Dordts gebruik? Voor verkoop? Om de tekorten op sociaal gebied van te betalen? Investeren we daar de helft van het wachtgeld van plaatselijke politici in dan hebben we al 1 molen. Meer inkomsten voor de gemeentes!

Nederlanders zeuren graag. En het is nooit goed. En alle suggesties worden weggeveegd want stel dat er iets positiefs bijzit dan valt er niets meer te klagen. Ik ben kampioen klager over onrechtvaardige zaken. En over geld verspilling. En over andermans en eigen domheden.

Maar de wind is gratis en de zon ook en de manier om dat om te zetten in schone energie is een windmolen en een zonnepaneel. Het hoeft niet én én te zijn, maar of een windmolen in de buurt of 4 zonnepanelen op het dak ….daar kun je uit kiezen.
De crisis is ons aangeluld en opgelegd. Laten we de energie die we ergens insteken nu in eigen hand houden.

We gaan gezamenlijk naar de Zaanse Schans en Kinderdijk om molens te kijken. In plaats van een verlepte pier in Scheveningen een windmolenpark iets verder weg in zee?
Onze achterkleinkinderen worden windturbine toeristen; met de opbrengsten van die energie worden ze grootgebracht. Zoals de kleinkinderen van mijn vriendin in Spanje.




Ik wil graag schone zon- en windenergie voor de kleinkinderen van iedereen, wie is daar tegen?












©Gavi Mensch
Nederland BV, 19-1-2014

All rights reserved 2014. Overname van (delen van) dit blog alleen met specifieke toestemming.


.




donderdag 21 november 2013

Het Finse onderwijsmodel, docenten met een titel.




"Finland heeft docenten met een titel."

Een artikel dat vanmorgen in mijn mailbox viel.
"Nederland heeft dat niet",  schreef men bij het artikel,  "docenten in Nederland klagen veel en missen de passie."
Waarom de vergelijking tussen Nederlandse en Finse docenten? 
Omdat ik wel eens denk dat mijn generatie de laatste was met gemotiveerde docenten, een brede basis, geen glorieus gebrek aan Cito-toetsen, zonder pretpakketten. Naar school gaan was gewoon, een mogen en geen moeten. De dagen werden gevuld en als een docent ziek was had de collega twee klassen tot de invaller arriveerde. Een docent was iemand die het leuk vond om kennis over te dragen, het belang inzag van netjes, goed en foutloos schrijven. En van hoofdrekenen, voorgeschiedenis, aardrijkskundigheden en veel maatschappijleerzaams. In mijn tijd wist iedereen wat de democratie betekende, wie de minister-president was en hoe de Eerste en Tweede Kamer functioneerden, toen.




Met gemiddeld 1 uur per dag minder les en een leerplichtige leeftijd van 7 jaar hebben Finse leerlingen op 15 jarige leeftijd 2000 uur minder onderwijstijd genoten dan Nederlandse leeftijdgenoten. Toch scoren Finse leerlingen op die leeftijd gemiddeld veel beter. 

Zo is Finland als enig Europees land te vinden in de top 3 van de door Aziatische landen aangevoerde PISA-lijst. Nederland is op deze lijst pas te vinden op de 11e plek. Wat doen de Finnen anders in hun onderwijs waardoor het zoveel effectiever is? Wat doen de Finnen anders in hun onderwijs waardoor het zoveel effectiever is?

Collaboratief versus competitief
Wat opvalt binnen het Finse onderwijsmodel is de vrijheid die Finse docenten genieten en de samenwerkingscultuur. Dat laatste is een typisch Finse cultuureigenschap en vormt ook een fundamenteel uitgangspunt van het onderwijs in Finland. Onderwijs is collaboratief en niet competitief ingesteld. Scholen hebben niet als missie de beste leerlingen voort te brengen, maar houden zich meer bezig met hoe leerlingen en scholen kunnen samenwerken om voor iedereen de beste onderwijskansen te creëren.

Binnen het Finse onderwijs wordt veel maatwerk geboden. Onderwijsprogramma’s worden niet landelijk, maar per school door docenten zelf ontwikkeld. De kwaliteit van de docenten bepaalt in Finland de kwaliteit van het diploma; er worden geen centrale toetsen als de Cito-toets afgenomen en er vindt geen toezicht plaats door een onderwijsinspectie zoals we dat in Nederland kennen.  Docenten hebben in Finland veel meer autonomie. Een gunstig neveneffect hiervan is dat per hoofd van de bevolking de onderwijskosten lager zijn dan in Nederland; docenten doen veel meer zelf.

Hoog opgeleide docenten
Meer vrijheid betekent ook meer verantwoordelijkheid en kwaliteit. Dit vraagt om goed opgeleide docenten die beschikken over uitstekende pedagogische en didactische kennis. Finse docenten, zowel in het basis- als voortgezet onderwijs, zijn daarom allen universitair geschoold en afgestudeerd op een wetenschappelijk valide onderzoek.  Deze wetenschappelijke achtergrond heeft grote voordelen. Docenten hebben de bagage om zelf een verantwoord curriculum te ontwikkelen, toetsen te ontwerpen en hun eigen onderwijs te evalueren en te verbeteren.

Hier is dankzij de kortere schooldagen bovendien meer tijd voor. Deze extra tijd wordt ook benut voor betere samenwerking tussen docenten. Docententeams hebben o.a. tijd om leerproblemen van leerlingen met elkaar te bespreken, feedback te geven op elkaars lessen en nieuwe plannen te ontwikkelen.

Status
Docent wordt je in Finland overigens niet zo maar. Studieplaatsen bij de universiteit zijn beperkt en aan de toelating tot de opleiding gaat een zware selectieprocedure vooraf. De studie zelf is bovendien ook nog eens behoorlijk pittig. Het succesvol afronden van de opleiding verwerft prestige. Docenten in Finland staan hierdoor veel hoger in aanzien dan collega’s in Nederland. De autonomie die de docenten in Finland hebben, wordt ook erkend door de samenleving.

Kortom, in het Finse onderwijs staan docenten voor de klas met een absolute passie voor het vak en zij zijn door hun universitaire opleiding in staat  op effectieve wijze te onderwijzen en hun vak verder door te ontwikkelen.

Hoe kijk jij aan tegen het Finse model waarvan het succes voor een zeer belangrijk deel leunt op de academisch geschoolde docenten? Heeft het Nederlands onderwijs baat bij meer universitair opgeleide docenten?


UIt: Malmberg: leerstijlen en vakdidactiek | internationaal onderwijs | Mens & Maatschappij | Mens & Natuur | Talen & Kunstvakken | vrijdag 6 september 2013,





©Gavi Mensch
Nederland BV, 21-11-2013




vrijdag 20 september 2013

gastblog Menno Oosterhof 2. JEUGDGGZ in de praktijk:



Er volgt nu een keuzemenu

Vrijdagavond, tien uur. Ik heb dienst en word gebeld door de psychiater van het Martiniziekenhuis Groningen. Er is op de spoedpoli een 17-jarig meisje, die op een houseparty onwel geworden is. Ze is verward. Of ik haar kan beoordelen.

'Nee, hij heeft haar zelf niet gezien.
'Ja, dat deed hij altijd wel, maar sinds de overheveling naar de gemeente van de jeugdGGZ mag dat niet meer van zijn directie. De beroepsaansprakelijkheidsverzekering van het ziekenhuis geldt niet voor jeugdhulp.
'Waar ze vandaan komt? Even kijken. Uit Drenthe, Klazinaveen.'

Ok, even nadenken. Heeft de gemeente Klazinaveen wel zorg ingekocht bij mijn instelling? Ik bel het Steunpunt Transitiejeugd Groningen.

Er volgt nu een keuzemenu. Belt u over een jeugdige uit de gemeente Groningen toets 1, belt u voor een jeugdige uit een andere gemeente  toets 2, voor alle overige vragen toets 3.
Al onze medewerkers zijn in gesprek , u wordt zo spoedig mogelijk geholpen. U kunt uw vraag ook stellen via onze website...

'Goedenavond, ik ben kinderpsychiater en ik word bij een 17-jarig meisje geroepen in het Martiniziekenhuis. Maar dit meisje komt uit Drenthe.
'Waarom ze niet naar een Drents ziekenhuis is gebracht? Omdat ze in Groningen was.
'O, dus dan moet ik Steunpunt Jeugd Drenthe bellen.'
Welkom bij transitie steunpunt Drenthe. Op dit moment is er niemand aanwezig. U kunt ons bellen op werkdagen van...

Ik besluit naar het ziekenhuis te gaan. Ik zie later wel of er zorg ingekocht is en anders maar niet.
Het meisje, Marije, is verward en duidelijk angstig. Ze heeft XTC gehad en mogelijk ook iets anders. Haar meegekomen vriendinnetje is overstuur, maar weet me wel te vertellen, dat Marije sinds kort medicijnen gebruikt. Nee, welke medicijnen weet ze niet.

Ecstasy kan gevaarlijk zijn in combinatie met sommige medicijnen. 

Ik bel de doktersdienst Drenthe.

'Goedenavond, met Menno Oosterhoff, dienstdoende jeugdpsychiater, ik bel over Marije die en die, geboren dan en dan, wonende daar en daar. Ze is in verwarde toestand binnengebracht op de spoedpoli. Kunt u zien welke medicatie gebruikt?
'O, wat kunt u dan wel zien?
'Dat ze drie dagen geleden met spoed verwezen is naar Centrum jeugd en gezin Emmen. Ok. En wat waren de bevindingen?
'O, daar krijgt de huisarts dan geen bericht meer van? Wie dan wel? De gemeente? Weet u ook welke instantie?
'Dank u, dan bel ik de gemeente.'
U bent verbonden met de Gemeente Emmen. Op dit moment is er niemand aanwezig. Wij zijn bereikbaar op werkdagen...

De internist laat me weten dat Marije wat hem betreft weg kan. Inmiddels is ze minder verward. Ja, ze gebruikt sinds drie dagen medicijnen. Witte tabletjes. Nee, ze weet niet hoe ze heten. Nee, ze weet ook niet wie het haar voorgeschreven heeft. Ze is voortdurend in tranen en uit zich erg somber. Haar ouders zijn gescheiden. Haar vader woont sinds kort ergens anders. Of dat een andere gemeente is? Dat weet ze niet. Nee, ze weet ook niet bij wie ze ingeschreven. Wat heeft dat er mee te maken? 'Niks', zeg ik. 'Laat maar.'

Ik bel haar ouders. Die nemen allebei niet op. Ik spreek met haar af dat ik haar ter observatie op een crisiscentrum wil laten opnemen. Dat wil ze zelf ook wel graag.

Ik bel met de crisisafdeling jeugd van Groningen.

'Ja, ik ben hier bij een 17-jarig meisje wat onwel geworden is op een houseparty en ik wil haar graag opnemen. Ah, fijn , jullie hebben plaats. Nee, ze komt uit Drenthe.
'O, ook niet voor een nacht?
'O, nou, dan zal ik de crisisafdeling van Drenthe bellen.'

'Ja, ik bel over een 17-jarig meisje dat ik met spoed wil laten opnemen.
'Nee, dat klopt, ik ben van crisisdienst jeugd Groningen, maar dit meisje komt uit Drenthe.
'Welke gemeente? Emmen. Of ik dat zeker weet? Ja, lieg ik. Dat ze misschien bij haar vader is ingeschreven in een andere gemeente noem ik nu maar even niet.

'O, dus er had iemand van jullie crisisdienst naar Groningen moeten komen?  Dat wist ik niet. Kan ik haar dan toch insturen? Bij hoge uitzondering. Fijn.
'O, maar jullie hebben geen plaats. Ok. Wat dan?
'Leeuwarden bellen? Maar daar heeft de gemeente Emmen toch geen zorg ingekocht? Ok, jullie hebben een onderlinge afspraak dit te verrekenen.'
Ik bel Leeuwarden.
U spreekt met de crisisafdeling jeugd Leeuwarden. Buiten kantooruren zijn wij uitsluitend bereikbaar via onze eigen crisisdienst jeugd Friese gemeentes.

De verpleging komt bij me langs. Duurt het nog lang? Marije is steeds in tranen en ze kunnen ook niet aldoor bij haar blijven. Ik doe mijn best , zeg ik. Ik heb waarschijnlijk iets. Ok, zeggen ze, maar ze kunnen hun misprijzen nauwelijks verbergen.

Ik bel de crisisdienst Friesland.

U spreekt met de crisisdienst jeugd Friesland. Er volgt nu een keuzemenu. Voor kinderen uit de gemeente Leeuwarden toets 1, voor...
'Ja, goedenavond. Ik bel over een 17-jarig meisje dat binnengebracht is in een ziekenhuis in Groningen, maar ze komt uit Drenthe, maar de Drentse crisisafdeling heeft geen plaats en zij stuurden me naar u.
'Ze komt uit gemeente Emmen.
'Ja, dat weet ik, maar er is tussen de Drentse en Friese crisisafdeling een onderlinge afspraak.
'Dat is u niet bekend? Nou, het is echt zo.
'U wilt haar dan wel opnemen? Dat stel ik erg op prijs. Hoe laat kan ze komen en waar… Ok.
Dan zal ik vervoer regelen.'

'Ja, u spreekt met Menno Oosterhoff, dienstdoende jeugdpsychiater crisisdienst Groningen. Ik bel over een Drents meisje, wat in een Gronings ziekenhuis ligt, maar nu naar een Friese crisisafdeling jeugd moet worden vervoerd.
'Wat zegt u? Ja ze komt van een ziekenhuis en ze gaat naar een crisisafdeling jeugd. Ja, dat is een jeugdhulpinstelling. Vervoer in verband met jeugdhulp moet de gemeente regelen?  Dat valt niet meer onder de verzekering?

Ik bel Steunpunt Jeugd Groningen.

'Ja, ik belde u net ook al. Ik heb nog een vraag. Het gaat over dat Drentse meisje, dat in een Gronings ziekenhuis ligt. Zij moet vervoerd worden naar een Friese jeugdhulpafdeling, maar de Groningse ambulancedienst wil dat niet doen. Weet u hoe ik het kan regelen?
'Het Drents steunpunt jeugd? Nee, die nemen niet op. Gemeente Emmen? Nee, ook niet.
'U denkt dat er afspraken zijn met de Drentse ambulancedienst? Bel ik die.'

'Met Menno Oosterhoff, dienstdoende jeugdpsychiater. Ik wil graag vervoer voor een 17-jarig meisje uit Drenthe, wat vanuit een Gronings ziekenhuis naar een Friese jeugdhulp-crisisafdeling moet worden vervoerd.
'Wat zegt u?
'U komt eraan?!?!?'

Toelichting
Dit najaar behandelt de Tweede Kamer de nieuwe Jeugdwet. Als deze aangenomen wordt dan gaat de gezondheidszorg voor jeugdigen met een psychisch probleem uit de verzekering. In plaats ervan komt er een gemeentelijke voorziening, die per gemeente kan verschillen. Bovenstaande voorbeeld ligt dus nog in de toekomst.

Als u net als 37.000 anderen wilt dat dit nooit heden wordt, teken dan de petitie.





©Menno Oosterhof
20-september 2013-09-20

All rights reserved 2013
Menno Oosterhoff is (kinder)psychiater .
Blog verscheen eerder in Artsennet en werd overgenomen met toestemming van de auteur.






Gavi Mensch
Maastricht, 20-9-2013